Onze kinderen en natuureducatie op school

Begin vorig jaar is Groentje gestart met een werkgroep Educatie. Michiel Werner zegt hierover: “Belangrijk is het dat we onze kinderen laten zien hoe mooi de natuur is en hoeveel plezier je eraan kunt beleven. Daarom hebben we de scholen benaderd om ze te helpen met praktisch natuuronderwijs”.

We hebben een aantal onderwerpen uitgewerkt tot leerzame en leuke opdrachten voor basisschool-kinderen. Inmiddels kunnen we met de kinderen op school nestkastjes en insectenhotels maken of het bos in gaan, wateronderzoek doen of zwerfvuil opruimen. Tot nu toe zijn activiteiten uitgevoerd met de basisscholen Schaapskooi, Spoorzoeker en De Bron in Wezep en Wereldweide in Noordeinde. Michiel Werner zegt, “Wat is het leuk om te zien hoe enthousiast kinderen dan met en in de natuur aan het werk zijn”. (Zie de foto’s bij de vorige artikelen.) Dat het niet altijd gemakkelijk is zal een ieder begrijpen. Je gaat niet zomaar even het bos in met een grote groep kinderen. Begeleiding doen we daarom samen met  leerkrachten van de school waarvoor we op pad gaan en waar mogelijk ook met ouders.

Fijn is dat we ook van derden hulp aangeboden krijgen. Bedenk dat het maken van een nestkastje voor vogels, een huisje van 6 planken, erg veel voorbereiding vraagt. Alle plankjes moeten als een bouwpakketje klaargemaakt worden. We hebben het dan niet over tien van deze pakketjes maar een veelvoud hiervan. Hout halen, prototype maken en alles opmeten en zagen is leuk werk maar best wel tijdrovend.

Heeft u interesse in het werk van Groentje? Kijk op onze website www.groentje-wezepoldebroek.nl Daar staan verslagen en foto’s van onze activiteiten, waaronder die met de scholen. U kunt ons steunen door lid of donateur te worden voor € 10,- per jaar. Als lid krijg je informatie over lopende en komende activiteiten door middel van een email nieuwsbrief. Misschien komt u ons wel een keer tegen met een groep kinderen.  Natuur- en Milieuvereniging Groentje, niet alleen groen maar ook educatief!

Dit artikel is gepubliceerd in de Veluwe Koerier

Imkers en Groentje hebben groep 7 van de Schaapskooi op bezoek.

Op vrijdag 3 juni kwamen 36 leerlingen van de Schaapskooi naar de Bijenstal van de imkersvereniging. In 3 groepen van 12 werden verschillende onderdelen gedaan. Eén groep kreeg uitleg over hoe bijen leven, het honing verzamelen en ook hoe imkers werken. Een tweede groep had een creatieve opdracht want na uitleg over stuifmeel mochten de leerlingen stuifmeelstickers maken. De derde groep ging in een sloot bij de bijenschans op zoek naar waterdieren. Aan de hand van de gevonden dieren konden ze bepalen wat de kwaliteit van het water was. Na een tijdje werd er gewisseld zodat iedereen elk onderdeel kon doen. Een hele ochtend bezig met de natuur. De leerlingen en begeleiding waren super enthousiast. Een geslaagde, educatieve en groene ochtend!

Gerda Welkamp-Griffioen

Groentje en groep 4 van de Schaapskooi maken insectenhotels

Op 31 mei hebben leden van Milieu- en Natuurvereniging Groentje  met groep 4 van basisschool de Schaapskooi insectenhotels gemaakt. De leerlingen kregen eerst uitleg over het nut en de noodzaak van insecten. Daarna mochten ze in tweetallen aan de slag. Zelf boren, schroeven en timmeren deden ze met veel enthousiasme . Ook het vullen van het hotel ging met veel plezier. Uiteindelijk zijn er 14 insectenhotels gemaakt. De helft komt op school te hangen en de andere helft wordt gebracht naar mensen die het volgens de leerlingen verdienen. Ze bepalen in de klas wie dat zijn. Een geslaagde, educatieve en groene activiteit.

Veel enthousiasme bij De Schaapskooi.

Leerlingen van groep 6 van basisschool De Schaapskooi in Wezep bekijken vol belangstelling de  plankjes in hun handen. Hoe maken we daar een vogelhuisje van? Twee groepen van elk 14 kinderen zetten samen al puzzelend 14 vogelhuisjes in elkaar. Vooraf kregen ze van enkele vrijwilligers van Milieu- en Natuurorganisatie Groentje uitleg over het nut van vogelhuisjes en hoe je die als klas veilig kunt maken. De kinderen bleken er veel zin in te hebben en stelden geïnteresseerde vragen. Groentje leverde het nodige materiaal en de praktische ervaring, terwijl de docenten van De Schaapskooi in de klas de theorie behandelden. De kinderen beleefden een leuke ervaring met boren en timmeren en leerden op een speelse manier meer over het vogelleven.

De komende tijd gaan docenten van De Schaapskooi samen met Groentje meer van  dit soort praktische natuurlessen organiseren.

Insecten hebben ook woningnood

Het gaat niet goed met de bijen, vlinders, lieveheersbeestjes en zweefvliegen. Veel insecten zijn voor mens en milieu heel nuttig; ze bestuiven bloemen en zijn belangrijk voor ons voedselaanbod. Ook zorgen ze voor een evenwicht in de natuur door schadelijke insecten te bestrijden.

Woningnood zie je niet alleen in onze maatschappij maar ook onder insecten (en andere dieren). De mens heeft het leefgebied van wilde bijensoorten en andere insecten sterk verminderd. In Nederland worden door het ontbreken van nest- en overwinterplekken verschillende soorten met uitsterven bedreigd. Johan Nieuwland geeft aan: “Uit onderzoek is gebleken dat in 30 jaar tijd 76% van de hoeveelheid insecten is verdwenen. Buiten de natuur is er nauwelijks ruimte voor dieren om voedsel te vinden, om te schuilen of om een nest te bouwen. Het gebruik van pesticiden en veel maaien in de landbouw heeft een negatieve invloed op de situatie. Er zijn steeds minder bloemen in ons landschap te vinden en ‘ruige’ stukjes verdwijnen. Wat overblijft is een landschap waar insecten niet kunnen overleven.“

Wat kun je zelf doen? Maak van je tuin een paradijs voor insecten.

Onderzoek van Deloitte toont aan dat van de 3 miljard m² aan tuin die we in Nederland hebben maar 1,6 miljard m² groen is! We kunnen er met zijn allen voor zorgen dat het een feest voor insecten wordt om in onze tuinen te verblijven. Jij kunt je eigen leefomgeving en die van insecten ook gezonder maken. Door geen gebruik te maken van pesticiden, door een strook met bloemen en kruiden aan te leggen die van oorsprong in ons landschap voorkomen, door in je tuin wat ruige stukjes te laten ontstaan of door een insectenhotel te bouwen. Johan: ”Daarmee kun je de insecten een handje helpen en zo de biodiversiteit stimuleren. Het helpt ze schuilen voor slecht weer, geeft ruimte voor het leggen van eitjes en biedt een plek om te overwinteren.”

Wil je informatie over het zelf bouwen van een insectenhotel, bezoek dan de websites van Natuurmonumenten en het Geldersch Landschap. De tips helpen je om je tuin tot een waar paradijs voor insecten om te toveren. En ze maken het zomergevoel straks compleet als je bijen, hommels, lieveheersbeestjes, gaasvliegen en vlinders aan het werk ziet. Succes!

Help vogels de winter door

Vogels hebben het best lastig in de winter. Insecten zijn weggekropen, bessen raken op en zaden liggen soms verstopt onder de sneeuw. Vogels zoeken in principe zelf hun voedsel bij elkaar maar bijvoeren is prima om ze de winter door te helpen. In een koude winternacht kan een kleine vogel wel 10% van zijn lichaamsgewicht verliezen. Als het licht wordt gaat een vogel gelijk op zoek naar voedsel. Als dit dan bij een voederplek te vinden is zal hij er gelijk van gaan eten. Het leuke is dat je dan kunt genieten van al die verschillende vogels.

Voor verschillende soorten vogels is er verschillend voer nodig. Dus hoe meer variatie des te meer soorten vogels. Er zijn vruchteneters, zaadeters en insecteneters. Een opengesneden appel of krenten, zaden in een zaadsilo of zonnebloempitten in een vogelhuisje en pinda’s in een silo of aan een slinger. Met pinda’s of vogelpindakaas zorg je ervoor dat er allerlei soorten mezen komen en ook de specht lust dat graag. De merel is dol op de opengesneden appel of peer. Mussen eten graag zaden en zonnebloempitten. Ook kun je havermout of stukjes brood voeren. Niet teveel brood want dit is eigenlijk te zout. Vogelvoer kan bederven. Zijn pinda’s zacht geworden of vetbollen zwart haal het dan weg anders kunnen vogels ziek worden.  Sommige vogels zijn erg schuw en scharrelen het liefst voedsel bij elkaar op de grond op een beschutte plek (onder een struik). De winterkoning en heggenmus doe je dus een plezier met voer op de grond, net als de merel en de vink. Het nadeel daarvan is dat je ook muizen en ratten kunt aantrekken. Dus voer niet teveel. Tegen de avond moet het eigenlijk op zijn.

Gerda Welkamp helpt vogels de winter door

Water geven is ook belangrijk vooral als het vriest. Water is nodig om het verenkleed in goede conditie te houden en parasieten te verwijderen. Door te badderen wordt de isolerende werking van het verenkleed in stand gehouden. Voeg geen suiker of zout toe. Suiker maakt de veren plakkerig en vermindert de isolatiewaarde. Zout is erg ongezond voor vogels. Geniet van alle vogels in uw tuin en kijk eens hoeveel verschillende vogels er zijn. Bij de jaarlijkse tuinvogeltelling komt de huismus al jaren op plek 1 gevolgd door koolmees en pimpelmees. Leuk om te kijken of dat in eigen tuin ook zo is.

Nestkastjes maken met groep 6 van de Spoorzoeker

Op maandag 14 februari zijn 2 leden van de educatiegroep naar de Spoorzoeker gegaan om daar in het technieklokaal met 18 enthousiaste 6e groepers aan de slag te gaan. Eerst een introductie over Groentje en waarom er nestkastjes nodig zijn. Daarna in 2-tallen aan de slag! De plankjes zijn al op maat gezaagd maar het boren en timmeren mogen de leerlingen zelf doen. Heel geconcentreerd werd er gewerkt en het getimmer was oorverdovend. Aan het eind werd er geschilderd. Er moet nog gelakt worden maar het resultaat geweldig! De kinderen mogen zelf bepalen bij wie de nestkast wordt opgehangen. Een geslaagde middag.

Zelf vogelhuisjes maken; leuk en leerzaam!

De winter is voor vogels een moeilijke tijd. Er is veel minder voedsel, zeker als er sneeuw ligt. Om warm te blijven spreken ze dan hun vetreserves aan en zoeken beschutting tegen het gure weer. Wij maken de kans op overleven groter door goede nestgelegenheid te bieden en de tuin niet te netjes te maken. Het zelf maken van vogelhuisjes heeft veel voordelen. Frans Verstraten zegt uit eigen ervaring dat samen met kinderen iets maken leerzaam is en leuk en het betrekt ze bij de natuurlijke omgeving. Vogels maken graag gebruik van de nestkastjes en voor ons is het schouwspel van vogels in de tuin boeiend om te zien.

Een nestkastje maak je uit een plank van 141 cm lang, 15 cm breed en 1,5 cm dik. Op de volgende  websites kan je goed zien hoe je dat precies doet en welk gereedschap je nodig hebt; https://www.vogelbescherming.nl/in-mijn-tuin/nestkasten/zelf-een-nestkast-maken of op https://geocachen.nl/zelf-een-vogelhuisje-maken/. Daar lees je ook dat de diameter van de invliegopening bepaalt welke vogels er in gaan wonen. Voor kleine tuinvogels varieert dat van 2,8 tot 3,5 cm. Zorg dat de (ophang)constructie stevig is waardoor het huisje stabiel hangt en langer meegaat. De levensduur verleng je door het van buiten te lakken of verven. Voor de opening liever géén stokje maken omdat grotere (roof)vogels het ook graag gebruiken. Hang het huisje op een rustige plek en minstens 2 meter hoog om klimmende katten te ontmoedigen. De vliegopening moet vrij aanvlieg baar zijn en gericht op het noordoosten.

Frans; ‘Vogels zijn net als mensen, de een vindt contact met buren belangrijker dan de ander’. Mussen, spreeuwen en zwaluwen nestelen graag dicht bij elkaar. Een mussenkast kan daarom groter zijn en ruimte bieden voor drie paartjes. De meeste andere vogels van dezelfde soort willen juist liever een afstand van 3 tot 10 meter naar de buren. Het dakje van het vogelhuisje moet afneembaar zijn om het kastje van binnen schoon te kunnen maken. Doe dat in de herfst of begin van de winter met heet water. Gebruik geen chemische middelen. Een tuin hoeft niet groot te zijn om te kunnen genieten van bedrijvige vogels in je eigen omgeving. Probeer de tuin wel zo vogelvriendelijk in te richten. Op de eerder genoemde website van vogelbescherming lees je veel praktische tips hoe je dat eenvoudig doet. Veel plezier met de vogelhuisjes!

Boomfeestdag met basisschool De Bron

Groep zeven van de Bron maakte een uitstapje om bij de Wezeper Veste in Wezep fruitbomen en bessenstruiken te planten in het voedselbosje.

Een voedselbosje bestaat uit  verschillende bomen, struiken en planten die vruchten dragen. Vruchten waar mens en dier van kunnen genieten. Na het planten strooiden de kinderen een bloemrijk zadenmengsel. In het voorjaar voorzien de bloemen hiervan de bijen en andere insecten weer van voedsel.

Uit handen van wethouder Bob Bergkamp en Alida Bosma van milieu- en natuurvereniging Groentje kregen de kinderen een mooi insectenhotel voor op het schoolplein.

Alida vertelde aan de kinderen hoe belangrijk een voedselbos is voor mens en dier. En dat vroeger veel mensen bomen en struiken bij huis hadden staan die vruchten gaven. Misschien, zo zei ze, kan je ook thuis een hoekje maken waar je wat vrucht-gevende struiken neerzet. De kinderen en juf beloofden regelmatig eens naar het voedselbosje te gaan wandelen om te zien of er wat te snoepen valt of om het te verzorgen.

De geplante fruitbomen zijn van oude rassen met mooie namen zoals bijvoorbeeld: de Schone van Boskoop (appel), Victoria (pruim), Doyenne du Comice en Saint Rémy (peren).

Boomfeestdag in Oldebroek word ieder jaar verzorgd door de gemeente en  Groentje, elke keer met kinderen van een andere school.

Bomen en groen zijn belangrijk voor verkoeling en waterinfiltratie. Groentje streeft naar het planten van meer bomen in de dorpen.

 

Scholieren Spoorzoeker ruimen afval op.

Het schoolplein van ‘De Spoorzoeker’ in Wezep was op dinsdag 2 november nog bedrijviger dan normaal. De school organiseerde samen met vrijwilligers van Natuur- en Milieuvereniging ‘Groentje’ een zwerfvuilactie. De leerlingen van de groepen 7 en 8 luisterden gehuld in veiligheidshesjes naar de uitleg over hun taak. Daarna gingen ze op pad met grijpers en zakken om zoveel mogelijk rondslingerend afval van de straten te halen. In kleine groepjes met begeleiders en routekaartjes zwierven ze door het dorp.

Aan enthousiasme geen gebrek en de kinderen verzamelden in korte tijd veel afval; lege flessen, plastic, blikjes, snoepverpakking en op sommige plekken heel veel peuken. Om het leereffect te vergroten werd genoteerd wat, hoeveel en  waar het afval  werd gevonden. De positieve reacties van veel passanten hielpen natuurlijk ook om flink aan te pakken. Terug op school werd de ‘oogst’ gewogen, wat natuurlijk een scheef beeld geeft. Flesjes zijn namelijk veel zwaarder dan de sterk  vervuilende peuken.

Het blijft niet bij deze praktische actie. De resultaten worden binnenkort gebruikt in theorielessen waaraan ook de afvalcoaches van de gemeente meewerken. Met elkaar proberen we het  afvalprobleem in onze omgeving aan te pakken en dit was een geslaagde stap.